Move It Kanal was een tweetalig stadsproject met een focus op jongeren (12-18 jaar) uit de Brusselse Kanaalzone. Met het project wilden Lasso en haar partners de cultuurparticipatie van deze jongeren stimuleren. Na afloop van Move It Kanal maakten we een publicatie met praktijkverhalen, inzichten, quotes en onderstaande conclusies die we trokken uit zes jaar projectwerking.

Vertaler-tolk gezocht!

Voor de netwerkbijeenkomsten stapten we al snel af van het credo “chacun parle sa langue” want daarmee sluit je per definitie sommige mensen uit, en is er sowieso betekenisverlies. Veronderstellen dat iedereen de finesses van het discours in een andere taal begrijpt, gaat voorbij aan de Brusselse realiteit. Om een veilige context voor uitwisseling te creëren, nodigden we iedereen uit de eigen taal te spreken. Daarbovenop zorgden we voor het vertalen en kaderen van het gesprek, wat vaak nodig bleek te zijn om tot een zinvolle dialoog te komen. En dat het niet altijd 100% foutloos was, dat namen we erbij. Brusselse pragmatiek, on se débrouille, zolang iedereen maar wil.

Voorbij het vakjargon

De vertaling was niet enkel nodig tussen twee van de drie landstalen. Het werken met professionals uit drie sectoren (cultuur, jeugdwerk en onderwijs), maakte dat er ook verschillen waren op vlak van woordenschat en referentiekaders. Een andere taal, andere wetenschappelijke referenties, maar ook andere manieren van werken en van zich organiseren maakten het niet altijd makkelijk om elkaar te’vinden’ voor een samenwerking. Drie sectoren in twee taalgemeenschappen werden zo zes sectoren waartussen bemiddeld werd. De gemeenschappelijke deler tussen al die praktijkwerkers in de verschillende sectoren was vaak hun drijfveer: de goesting om mooie dingen mogelijk te maken, los van structuren en taalgemeenschappen. Ondanks de uitdagingen van het tweetalige en de verschillen in de manier van denken en werken, voelden we vanuit Lasso een echt enthousiasme en reële nood om professionals uit de verschillende sectoren en gemeenschappen samen te brengen. Want een ontmoeting met een palet aan nieuwe organisaties vermenigvuldigt de kansen op mogelijke samenwerkingen in de toekomst. Bovendien verruimt de blik van iemand uit een andere sector of taalgemeenschap de eigen kijk op het werkveld en op wat je zelf concreet doet.

Samen-werken

Een samenwerking opzetten gaat niet vanzelf. Het opbouwen van een vertrouwensband met alle betrokkenen is daarbij cruciaal. Binnen Move It Kanal ging daarom veel tijd naar de voorbereidende fase, waarin we de organisaties uit de Brusselse Kanaalzone leerden kennen en samen nadachten over een mogelijke samenwerking. Een samenwerking gaat bovendien niet altijd de richting uit die je zelf voor ogen had. En je moet tijdens een project ook klaar staan voor veranderingen en aanpassingen. Elke samenwerking vergt dan ook de durf om jouw eigen kader, gewoontes en zekerheden los te laten, om toenadering te zoeken tot ’de andere’. Het is bovendien belangrijk om samen tot een gedeeld kader te komen waarbinnen een project kan plaatsvinden. Van meet af aan de doelstellingen en wederzijdse verwachtingen uitspreken, en deze als richtlijnen gebruiken tijdens het project, maakt dat je een basis hebt om op terug te vallen als het even tegenzit. Dit verhoogt ook de kans op slagen en zorgt voor een betere inbedding van het project. En zo ook voor een duurzame impact binnen de betrokken organisaties.

Maatwerk werkt

In een diverse stad als Brussel is het zeer moeilijk om grote projecten op te zetten die gedragen worden door ‘alle jongeren’. Ze kunnen zich moeilijker identificeren met grote overkoepelende projecten. Dat lukt beter met kleinere initiatieven op maat van de jongeren, en vertrekkend vanuit hun eigen leefwereld. Daarbij moet ook vertrokken worden van de organisaties die dichtbij de jongeren staan en al een vertrouwensband met hen opgebouwd hebben. Die diversiteit aan organisaties en manieren van werken vraagt om maatwerk en flexibiliteit. Het is belangrijk om voldoende tijd te investeren in het uitbouwen van een netwerk.

Tijd verliezen om tijd te winnen

Nieuwe contacten bieden nieuwe kansen. Het opbouwen van een netwerk gaat echter niet vanzelf. Dit vraagt engagement, en een open ingesteldheid om op ontdekking te gaan, nieuwe mensen en organisaties te leren kennen, ideeën te laten rijpen, verschillende schema’s en snelheden te laten samenvallen, opportuniteiten te kunnen detecteren en erop te kunnen ingaan. Maar daarvoor heb je tijd en geduld nodig. Een nieuw contact buiten je bestaande netwerk levert soms niet meteen een quick win op. Dat doelgerichte loslaten kan echter de moeite lonen. We merkten doorheen de jaren namelijk dat sommige kleine ontmoetingen van lang geleden op termijn uitgroeiden tot fijne samenwerkingen. We ontdekten bovendien de meerwaarde van het verder kijken dan de usual suspects. In plaats van alleen een beroep te doen op grote of bekende instellingen of organisaties, valt er zeker ook iets te winnen door op ontdekking te gaan bij kleinere spelers of bij organisaties in de buurt. Soms duurt het lang vooraleer er iets concreets uit de bus komt. Maar eens je netwerk bestaat en je de contacten levendig houdt, kan er veel gebeuren!

Duurzaam >< vluchtig?

We zagen op het terrein veel beweging op vlak van personeel in de verschillende werkingen. En dit niet alleen binnen scholen, jeugdwerkingen of cultuurhuizen, maar ook bij het Move It Kanal-team zelf, en bij de partners. Dat zorgt voor dynamiek in het Brusselse werkveld, maar ook voor extra uitdagingen. Als een medewerker abrupt of middenin een project vertrekt, moet je soms helemaal terug van nul beginnen. Er gaat meestal weinig aandacht naar de interne kennisoverdracht binnen een organisatie. Bij een samenwerking is het belangrijk om niet alleen in te zetten op een goede individuele samenwerking tussen de rechtstreeks betrokken praktijkwerkers, maar ook oog te hebben voor de inbedding binnen de bredere organisatie. Zo kan een samenwerking ook voortbestaan als de initiële initiatiefnemers weg zijn.

Communiceren: offline, online,...

Een netwerk levendig houden is een grote uitdaging in een wereld met vele soorten mensen en met 1001 communicatiemiddelen. Iedereen werkt anders, zoekt op een eigenmanier naar info, contacten, aanbod,... We experimenteerden met verschillende vormen van samenkomen, met een Facebook-groep, een Instagram-account... en beseften dat fysieke nabijheid toch nog altijd het best werkt. Mensen blijven sociale wezens, en met een scherm ertussen is er toch iets dat ontbreekt. Anderzijds merkten we vooral tijdens de lockdowns dat de digitalisering ons wel toeliet om andere mensen bij de netwerkevents te betrekken, die anders mogelijk te weinig tijd zouden hebben gehad om deel te nemen. En op niveau van de jongeren zelf werkten apps als WhatsApp net wél om contact te houden. Het is dus belangrijk om goed in te schatten hoe omgegaan wordt met sociale media. Jongeren gebruiken deze immers heel anders dan volwassen praktijkwerkers van heel uiteenlopende leeftijden. En er bestaan ook grote verschillen onderling. In dat opzicht zou je bijna kunnen zeggen dat Move It Kanal bij momenten zelfs een intergenerationeel digitaal project was. We experimenteerden met tal van online toepassingen.

Je vindt meer conclusies en verdiepende inzichten terug in de publicatie "Move It Kanal: over cultuur en jongeren in de Brusselse kanaalzone"